Proefmaatschappen en extra betaling jonge landbouwers

Datum gepubliceerd: maandag, 01 oktober 2018 Ga terug naar het overzicht

RVO.nl heeft in het verleden in een aantal gevallen de extra hectarebetaling voor jonge landbouwers afgewezen, omdat  er volgens haar sprake was van een proefmaatschap. Dat betekende dat de jonge landbouwer geen daadwerkelijke, langdurige zeggenschap had.

Het College van Beroep voor het bedrijfsleven heeft hierover inmiddels meerdere uitspraken gedaan. Zij oordeelde dat er alleen sprake kan zijn van een proefmaatschap als de overeenkomst van maatschap of vennootschap onder firma zelf voor bepaalde tijd is gesloten. Er is geen sprake van een proefmaatschap – zoals RVO.nl stelde – als een maatschap of vennootschap onder firma voor onbepaalde tijd is aangegaan, maar de jonge landbouwer gedurende de eerste jaren bij ontbinding van de overeenkomst geen recht op voortzetting heeft.

De uitspraken van het college leiden ertoe dat RVO,nl haar beleid aanpast. Voor twee categorieën aanvragers wordt een uitzondering gemaakt:

  1. Jonge landbouwers die in het verleden een beroep hebben gedaan op uitgestelde zeggenschap, behouden hun “oude rechten”.
  2. Een redelijkheidstoets voor nieuwe aanvragers die in het aanvraagjaar 2018 een beroep hebben gedaan op uitgestelde zeggenschap, maar een verkeerde akte hebben (dus geen overeenkomst voor bepaalde tijd).