Aanvulling/rectificatie op artikel “Omzetting PGB in ZIN financiering”

Datum gepubliceerd: woensdag, 24 januari 2018 Ga terug naar het overzicht

Op 28 september j.l. hebben wij u een artikel toegezonden met als onderwerp de omzetting van PGB in ZIN financiering. Naar aanleiding van dit artikel is enige discussie en verwarring ontstaan over de inhoud daarvan en heeft Per Saldo ons verzocht om een aantal zaken te verduidelijken en te rectificeren.

Het artikel is geschreven ten behoeve van een beperkte doelgroep, namelijk de particuliere woonzorginstellingen. Het artikel is dus niet geschreven ten behoeve van de individuele pgb-budgethouders. Het artikel is via onze zorgmailing, waar een zeer diverse groep organisaties en personen op is geabonneerd, verzonden. Daarmee ook naar organisaties en personen voor wie de inhoud derhalve niet relevant is. Dit is inherent aan een algemene mailing rondom zorg over zeer diverse onderwerpen.

In het artikel wordt gesteld dat de PGB-tarieven in 2018 naar alle waarschijnlijkheid 70% zullen bedragen van de zorg in natura tarieven (op basis van VPT). Op het moment van opstellen van het artikel waren de tarieven echter nog niet beschikbaar en hebben we op basis van de verwachtingen op dat moment een inschatting gemaakt van de tarieven. Op dit moment zijn de tarieven echter wel beschikbaar en blijkt het verschil in tarief ongeveer 30% bij grotere instellingen en ongeveer 20% bij instellingen die gebruik kunnen maken van de wooninitiatieventoeslag. De tarieven en budgetten kunnen echter niet één op één met elkaar worden vergeleken. Zo omvat een VPT alle maaltijden waardoor het zorgbudget automatisch hoger is. Bij een pgb worden maaltijden nog apart ingekocht.

In het artikel wordt voorts gesteld dat zorgkantoren toekenning van pgb’s weigeren om reden dat er in de omgeving van het particuliere wooninitiatief voldoende capaciteit aanwezig is in reguliere verpleeghuizen. Deze bewering is wellicht te stellig: een zorgkantoor mag om deze reden nooit een pgb weigeren wanneer een zorgvrager aan alle eisen van het pgb-budgethouder voldoet en bewust kiest voor een maatwerkvoorziening.

Tot slot wordt in het artikel gesteld dat het, na het afsluiten van een overeenkomst met een zorgkantoor, niet meer mogelijk is om een bewoner met een pgb op te nemen. Hierop dient bij nader inzien een aanvulling te worden gegeven. Een pgb kan alleen worden afgewezen indien een budget-houder het pgb volledig en uitsluitend gaat aanwenden bij één en dezelfde  door het zorgkantoor gecontracteerde aanbieder. Is sprake van een tweede zorgaanbieder dan is de inkoop van zorg met een pgb voor het totale zorgpakket mogelijk.